Een jaar later
Ondanks bewogen week
Ondanks een zeer bewogen week, waarbij het leek dat het kabinet zou vallen, laat de zetelpeiling zien, dat dit amper effect op de zetelpeiling heeft. NSC staat inmiddels op 3 zetels (-1) en de PVV weer op 38 (+1). Ook de VVD is weer 1 zetel omlaag (19) en CDA plus 1 (14).
Omdat het precies 1 jaar is na de vorige Tweede Kamerverkiezingen vergelijken we de uitslag van deze laatste peiling met de verkiezingsuitslag van 22 november 2023. Dan zien we drie partijen met grote verschuivingen:
- NSC -17
- VVD -5
- CDA +9
De resterende 13 zetels zijn terechtgekomen bij de overige partijen, die vrijwel allemaal 1 of 2 zetels stegen:


Wel grote fluctuaties
In het afgelopen jaar zijn er vier partijen geweest met grote fluctuaties:
- PVV, die in drie maanden steeg naar meer dan 50 zetels en daarna weer is teruggezakt naar het niveau van de verkiezingsuitslag.
- VVD, die kort na de verkiezingen, toen men aangaf niet in het kabinet te zullen stappen, fors wegzakte en daarna geleidelijk weer steeg, maar nog steeds ruim onder de 24 zetels staat.
- NSC, die in een paar fasen wegzakte naar de 3 zetels van vandaag.
- CDA, die een gestage stijging laat zien.
Deze grafiek laat dat verloop van deze vier partijen in het afgelopen jaar zien.
Wat gaat er gebeuren?
Misschien is wel het meest opvallende aan deze uitslag dat één jaar na de verkiezingen de grote tegenpolen, PVV en GroenLinks/PvdA nu vrijwel dezelfde aanhang hebben als toen. Dit hangt mede samen met de grote polarisatie waarbij het gat tussen de rechterkant en de linkerkant van het politieke spectrum erg groot is en vrijwel geen overgangen plaats vinden. Maar ook D66 is amper gestegen (van 9 naar 11).
Het lijkt er niet op dat die partijen aan de linkerkant de sleutel hebben gevonden om electoraal fors te stijgen. Daarbij valt vooral op welke keuze de PvdA klaarblijkelijk heeft gemaakt en niet goed door heeft wat er electoraal aan de hand is. De combinatie met GroenLinks geeft geen echte electorale stimulans. Nog los van de kleinere kans dat de PvdA nog in de regering kan komen. Bij een – toekomstige – combinatie die meer door het midden gaat, is het heel onwaarschijnlijk dat een partij van enige omvang rechts van het CDA met GroenLinks/PvdA zal gaan regeren. Terwijl dat bij de PvdA, die los staat van GroenLinks, nog wel voorstelbaar is.
De twee partijen, die bij mogelijke nieuwe verkiezingen, een sleutelrol zullen gaan spelen en waarvan de electorale toekomst onduidelijk is, zijn het CDA en de VVD.
Het CDA zou nog wel eens verder kunnen doorstomen en (weer) boven het niveau van 20 zetels kunnen doorgroeien.
De VVD lijkt electoraal in zwaar weer gekomen te zijn. Het is onwaarschijnlijk dat de VVD electorale winst zal behalen door de deelname aan het kabinet-Schoof. De electorale concurrentie van het CDA neemt duidelijk toe, terwijl – zoals al het afgelopen jaar is gebleken – de PVV een sterke electorale concurrent is.
Ook als de PVV duidelijk electoraal zou wegzakken valt het niet te verwachten dat die zetels vooral naar de VVD zullen gaan.
Last but not least: de samenstelling van de Eerste Kamer, die niet zal wijzigen tot voorjaar 2027, zal invloed hebben op de mogelijkheden van welk kabinet dan ook (het huidige of misschien een andere die voor 2027 aantreedt).
Ik ben benieuwd wanneer men nu eens massaal onderkent dat de wijze waarop ons politiek stelsel is ingericht (bouwjaar 1848) niet meer past bij de wereld van vandaag en de slagkracht van het openbaar bestuur steeds minder wordt met alle gevolgen van dien.





































Bij NSC geeft nog ongeveer een derde van de kiezers van 22 november aan, dat ze die partij nu weer zouden stemmen. 20% is overgestapt naar de PVV, 7% naar het CDA en 20% geeft aan niet te weten waarop te stemmen.
Het vertrouwen in de regering, de nieuwe premier en de vier vice-premiers is gemeten via een rapportcijfer. De cijfers zijn uitgesplitst naar de stemkeuze op 22 november 2023.
Het vertrouwen in de regering komt uit op 5.0 van een keuze tussen 0 en 10. Premier Schoof scoort 5,9, Fleur Agema 5,7, Eddy van Hijum 5.6, Mona Keijzer 5.1 en Sophie Hermans 4.6.
De cijfers naar stemkeuze voor de regering ziet er als volgt uit.
De kiezers van PVV en BBB hebben een ruim 1 punt hoger vertrouwen in het kabinet dan de kiezers van VVD en NSC. Het laagste vertrouwen is bij kiezers van PvdA/GroenLinks, PvdD, Volt en D66.
Premier Schoof laat wat hogere cijfers zien en minder grote verschillen naar partij.
Via deze interactieve grafiek kunnen alle vertrouwenscijfers bekeken worden naar stemkeuze.
En in deze interactieve tabel kunt u de verwachte levensduur zien afgezet tegen de stemkeuze op 22 november 2023.
Kiezers van SGP, PVV en BBB verwachten bijna voor 50% dat het kabinet de rit uitzit. Kiezers van NSC denken dat voor ruim 30% en van de VVD voor ruim 20%.
Van de NSC- en VVD-kiezers verwacht circa een derde dat het kabinet niet langer dan één jaar blijft zitten.





